🧮 Grote getallen & rekenen
Met de splitsmethode kun je grote sommen snel uitrekenen. Splits elk getal in duizendtallen, honderden, tientallen en eenheden.
- Voorbeeld: 1.847 + 2.356 → 3.000 + 1.100 + 90 + 13 = 4.203
- Kwadraten: 5²=25, 6²=36, 7²=49, 8²=64, 9²=81, 12²=144
- Machten van 2: 2¹=2, 2²=4, 2³=8, 2⁴=16, 2⁵=32
💡Tip! 99×6 = 100×6 – 6 = 594. Slim rekenen bespaart tijd!
🍕 Breuken & decimalen
Een breuk heeft een teller (boven) en noemer (onder). Om breuken op te tellen moeten ze gelijknamig zijn.
- ½=0,5 | ¼=0,25 | ¾=0,75 | ⅕=0,2 | ⅛=0,125
- Optellen: ⅓+¼ → gcd=12 → 4/12+3/12 = 7/12
- Vermenigvuldigen: ⅔×¾ = 6/12 = ½
- Delen: ⅔÷¼ = ⅔×4 = 8/3 = 2⅔
🤯Pi (π) = 3,14159... is een getal dat nooit eindigt en nooit herhaalt!
📐 Meetkunde & meten
Meetkunde gaat over vormen, afstanden en ruimte. Leer deze formules:
- Rechthoek: omtrek=2×(l+b) | opp=l×b
- Driehoek: opp=½×basis×hoogte
- Cirkel: omtrek=π×d | opp=π×r²
- Pythagoras: a²+b²=c² (rechthoekige driehoek)
📐Wist je dit? De stelling van Pythagoras is meer dan 2500 jaar oud en nog steeds onmisbaar!
🔐 Log in om je voortgang op te slaan en onderwerpen te ontgrendelen!
Inloggen